← Hartslag.org

Wanneer naar de huisarts (of 112)?

Bij hartklachten geldt: liever één keer te veel bellen dan één keer te weinig. Hier een heldere lijst alarmsignalen en wat hulp je waar krijgt.

Kort: Acute, hevige klachten zoals plotse pijn op de borst, plotse hevige kortademigheid of flauwvallen vragen om 112. Aanhoudende of terugkerende klachten zonder direct gevaar (zoals hartkloppingen of een afwijkende rusthartslag) horen bij de huisarts. Twijfel je? Bel — de meldkamer en huisartsenpost helpen je inschatten.

Bel direct 112 bij

Twijfel je of het ‘echt’ ernstig genoeg is? Bel 112 toch. Bij hartklachten is de tijd tot behandeling sterk bepalend voor de uitkomst.

Bel je huisarts (of 's avonds/in het weekend de huisartsenpost) bij

Eerst zelf in de gaten houden bij

Komen klachten terug of duren ze langer dan een paar dagen, dan is een huisartsbezoek alsnog op zijn plaats.

Hartkloppingen met overgeven, duizeligheid of suf zijn

Een snelle hartslag of hartkloppingen samen met misselijkheid, overgeven of een sufheid die niet bij je past, is een combinatie waarbij je niet moet afwachten. Overgeven leidt binnen een dag tot vochtverlies, en vochttekort jaagt de hartslag verder omhoog — zo versterken de klachten elkaar. Suf of moeilijk wekbaar zijn wijst bovendien op onvoldoende doorbloeding van de hersenen.

Bel direct 112 als iemand overgeeft of misselijk is én daarbij suf of verward is, niet goed wekbaar, flauwvalt, of hevige pijn op de borst of ernstige kortademigheid heeft.

Bel dezelfde dag je huisarts of de huisartsenpost bij:

Voor de achtergrond bij deze klachten, zie hartkloppingen, hoge hartslag en hoeveel hartslagen per minuut is normaal. Bij twijfel over de urgentie geldt hetzelfde als hierboven: liever één keer te vroeg bellen.

Wat doet de huisarts bij hartslagklachten?

Standaardstappen bij een afspraak voor hartklachten:

  1. Anamnese: gesprek over klachten — hoe vaak, hoe lang, wanneer, wat helpt of verergert. Familieanamnese, medicatie, leefstijl.
  2. Lichamelijk onderzoek: bloeddruk meten, pols voelen, hart en longen beluisteren.
  3. ECG: een hartfilmpje (10 seconden) op de praktijk.
  4. Bloedonderzoek: schildklier, bloedarmoede, elektrolyten en zo nodig hartenzymen of cholesterol.

Bij twijfel of bij specifieke aanwijzingen volgt eventueel:

Wat helpt om je afspraak nuttig te maken?

Bij gediagnosticeerde hartziekte

Als je al bekend bent met een hartziekte (hartritmestoornis, hartfalen, na een hartinfarct, na een hartklepoperatie), gelden vaak afgesproken alarmsignalen die jouw cardioloog of huisarts met je heeft besproken. Houd je daaraan, en aarzel niet om bij twijfel contact op te nemen — vooral bij ineens veranderde klachten.